MENU

Waarschuwingsborden overstekend wild – Locatiekeuze (2)

Geachte mevrouw minister,

 

In antwoord op mijn vraag 1485 gaf u een overzicht van de plaatsing van verkeersbord A27 en van de wijze waarop de locatiekeuze tot stand kwam.

 

Naar aanleiding van de verstrekte gegevens had ik graag een antwoord gekregen op volgende vragen:

1: In het overzicht dat u geeft van de locaties waar deze borden staan opgesteld, worden de kilometerpunten opgesomd waar de borden staan opgesteld. Staan de borden steeds in beide rijrichtingen? Waarom is dat desgevallend niet het geval?

2: Uit het overzicht dat u geeft, blijkt dat er heel wat overlappingen zijn m.b.t. de afstandsaanduidingen onder de borden. Concreet wordt bijvoorbeeld aangegeven dat er gevaar voor overstekend wild is over een afstand van 4000 meter en wordt er na 3000 meter al een nieuw bord geplaatst dat aangeeft dat er gedurende 3500 meter gevaar is,… Waarom worden er telkens opnieuw borden geplaatst op een kortere afstand dan degene die voorzien is op de onderborden type II? Waarom wordt er niet voor geopteerd om bij het eerste bord de totaalafstand te geven?

3: Wat wordt door de Vlaamse overheid beschouwd als groot wild, met andere woorden met welk dier moet er een ongeval gebeuren in functie van het plaatsen van waarschuwingsbord A27?

4:In hoeveel gevallen (en welke) gebeurde de plaatsing op basis van een ongeval met groot wild en in welke gevallen was de plaatsing het gevolg van een vraag van de lokale overheden, de politiediensten of een bosbeheerder? Welke procedure moet gevolgd worden voor zo’n aanvraag.

5:Op welke manier wordt de opportuniteit van de vraag geëvalueerd?Op welke manier wordt bij grootschalige herstellingswerken of bij de realisatie van een nieuwe weg geëvalueerd of alle aanwezige borden moeten blijven staan of hoe wordt bepaald welke borden zullen worden geplaatst?

Tags: ,