MENU

Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed – Brouwerijen en Mouterijen

Dirk Van Mechelen heeft zich steeds ingezet voor het behoud van het erfgoed dat verwijst naar typische regionale of lokale nijverheden en teelten. Dit soort lokaalgebonden activiteiten heeft zeer vaak geleid tot bijvoorbeeld de welvaart van een streek en is daarom onlosmakelijk verbonden met de identiteit en eigenheid van een regio. Mensen blijven zich hiermee vereenzelvigen, bijvoorbeeld omdat vroegere generaties hier actief bij betrokken waren.

De afgelopen jaren werd er dan ook gestart met een beschermingstraject van deze teelten en nijverheden. Zo werden bijvoorbeeld de belangrijkste overgebleven hopasten beschermd en werd ook de diamantslijperij Liekens in Nijlen het 10.000e monument in Vlaanderen.

Minister Bourgeois heeft de facto dit traject stopgezet, waardoor dit erfgoed, dat doorgaans erg kwetsbaar wordt wanneer het zijn oorspronkelijke functie heeft verloren, nu quasi vogelvrij is.

 

Dat wordt bevestigd in het antwoord van minister Bourgeois. Want hoewel in de onderzoeksbalans en de onderzoeksagenda wordt anagegeven dat dit onderzoek prioritair zou moeten zijn, stelt het de bevoegde wetenschappelijke instelling VIOE welgeteld 0,5 VTE ter beschikking voor dit onderzoek. Daarbij wordt voortgebouwd op het lopende onderzoek naar de mouterijen (toevallig is de bewuste onderzoeker ook betrokken bij de ontsluiting van een mout- en brouwhuis), een onderzoek dat reeds 6 jaar wordt gevoerd en dat geleid heeft tot één wetenschappelijk artikel in het tijdschrift Relicta. In plaats van een inventaris van mouterijen in Vlaanderen is er op basis van archiefonderzoek een evolutie van de mouterijen in Vlaanderen gerealiseerd; blijkbaar zonder dat dit gepaard ging met bezoeken aan mouterijen.

Dit onderzoek wordt de komende 4 jaar met dezelfde personeelsinzet voortgezet.

Prioritair onderzoek heet dit dan.

 

Vraag & antwoord