MENU

Ontginningszones – Onteigeningen

Via het zgn. oppervlaktedelfstoffendecreet is er een duidelijk juridisch kader voor de ontginning van bijvoorbeeld zand, leem of klei. Uitgangspunt is dat er rationeel wordt omgegaan met de grondstoffen, waarbij enerzijds voldoende volumes beschikbaar moeten zijn om aan de bedrijven rechtszekerheid te bieden en er  anderzijds voor gezorgd wordt dat er rationeel met de voorraad wordt omgegaan.

Eens een ontginningszone is aangeduid is het aan de ontginner zelf om de gronden te verwerven. Indien er geen verkoopsovereenkomst kan gesloten worden kan in allerlaatste instantie tot ontginningsonteigening worden overgegaan.

Uit het antwoord van minister Schauvliege blijkt dat deze onteigening niet zo evident is en dat er vaak tegenop wordt gezien. Dirk Van Mechelen vindt dat hier toch eens moet worden over nagedacht want inzake rationeel gebruik is er wel een duidelijke kink in de kabel. Ontginningszones die om een of andere manier niet ontgonnen (kunnen) worden, bijvoorbeeld omdat de steenfabriek de gronden niet kan verwerven, worden wel als ontgonnen beschouwd. Bij de berekening van de noodzakelijke volumes die nodig zijn voor de rechtszekerheid van de steenbakkerijen wordt er bijgevolg geen rekening mee gehouden. Op termijn kan dit voor problemen zorgen.

 

Vraag & antwoord