MENU

Historische windmolens – Groenestroomproductie

 

Het idee om historische molens te gaan gebruiken om groene energie te produceren, is niet nieuw. Reeds meer dan 20 jaar worden kleine waterkrachtcentrales in historische watermolens geïnstalleerd om op die manier groene energie te produceren. Meestal voorzien ze in de nodige energie voor enkele huisgezinnen.

Maar ook voor historische windmolens is het idee al veel ouder dan misschien gedacht. In 1933 bouwde toenmalig burgemeester en molenkenner Alfred Ronse de Meerlaanmolen in Gistel. De functie van de molen was meervoudig: malen, pellen, maar vooral het opwekken van elektriciteit. Ronse wou immers aantonen dat de windmolen nog een toekomst had. En hoewel de huidige windturbines er natuurlijk anders uitzien dan zijn molen, was hij op dat vlak wel visionair…

Van Mechelen was dan ook ontgoocheld in het antwoord van minister Bourgeois en zijn administratie die zich verschuilt achter het feit dat de aanpassingen aan de kap en de wieken bijvoorbeeld de erfgoedwaarden van deze molens zouden aantasten. In 1933 heeft men daar in de Meerlaanmolen echter al een oplossing voor gevonden door een (al met al beperkte transmissie) installatie die ervoor moest zorgen dat de steeds wisselende snelheid van de (wieken) van de molen werd omgezet in een constante snelheid nodig voor het aandrijven de dynamo. Ondertussen is de sinds 1977 beschermde molen, die sinds enkele jaren eigendom is van de stad Gistel in verval…

Vandaag hebben zowat alle historische windmolens geen enkel economisch nut meer. Met de bescherming wordt ervoor gezorgd dat deze getuigen van ons industriële verleden ook aan toekomstige generaties worden doorgegeven. De afgelopen jaren werden vele miljoenen euro’s geïnvesteerd in het onderhoud en herstel van de molens. Eén molen is echter een machine. Stilstaan is achteruitgaan. De beste garantie om een molen in stand te houden, is dan ook om hem te laten functioneren. Dat gebeurt steeds minder en minder om allerlei reden, maar bijvoorbeeld ook omdat er geen graan meer wordt gemalen. Gevolg is dat een gerestaureerde molen veel sneller dan voordien opnieuw in verval geraakt.

Vlaanderen is de bakermat van de windmolen en dankzij de nodige creativiteit en telkens opnieuw aanpassing aan noden en uitdagingen is de molen nagenoeg 5 eeuwen lang ongewijzigd gebleven. Dat betekent dat je af en toe platgetreden paden moet durven ontwijken en nieuwe dingen moet proberen. De introductie van een mechanische maalderij of een stoommachine in de plaats van de louter kracht van wind en water, waren voor veel molens ingrijpend. Tegelijkertijd betekende het wel een nieuwe toekomst.

Van Mechelen roept minster Bourgeois en zijn administratie en met hen de ganse Vlaamse Regering dan ook op om de piste van de inschakeling van historische windmolens bij het opwekken van groene energie eens ernstig en in de praktijk te onderzoeken. Natuurlijk weet iedereen dat deze molens niet hetzelfde rendement zullen halen als de huidige grote turbines. Maar dat hoeft ook niet. Van Mechelen is immers overtuigd dat mits een aantal, niet eens zo ingrijpende maatregelen, een windmolen voldoende energie moet kunnen leveren voor een aantal omliggende woningen of een wijk.

Vraag & antwoord