MENU

Dirk beschermt hoperfgoed in de Westhoek

Dirk Van Mechelen, bevoegd voor het Onroerend Erfgoed, heeft een zevental belangrijke relicten van de Vlaamse hopteelt beschermd als monument. Het gaat om traditionele droogloodsen (asten) en hoeves in de regio van Poperinge en Watou.

“Deze beslissing past helemaal in onze beleidsambitie om historische getuigen van streekgebonden nijverheid en teelten duurzaam te beschermen”, benadrukt de minister.

De hopteelt kent een rijke traditie in de Westhoek. De plant vormt er al eeuwenlang een belangrijk bestanddeel in de productie van bier. Ook op andere plaatsen in Vlaanderen, vooral dan in de streek rond Aalst en Asse, zijn er nog sporen van oude droogloodsen, hopboerderijen en opslagplaatsen.

De hopcultuur in en rond Poperinge verwierf in 2007 bekendheid in Vlaanderen. Een project, ingediend door de Poperingse vereniging ‘De Keteniers’, was toen één van de provinciale finalisten in het televisieprogramma Monumentenstrijd op Canvas.

De vereniging stelde een inventaris op van het bouwkundig hoperfgoed: gereedschap, hoeven, magazijnen en asten. Uit deze oplijsting selecteerde het stadsbestuur van Poperinge een aantal interessante relicten, waarvoor ze aan minister Van Mechelen de bescherming aanvroeg.

Zichtbare getuigen

Op advies van zijn administratie Ruimtelijke Ordening, weerhield minister Van Mechelen zeven goedbewaarde constructies op de shortlist. Drie ervan worden ook nog eens als dorpsgezicht afgebakend.

“Vlaanderen is het land van het bier. Brouwerijen en cafés zijn daarvan natuurlijk de meest zichtbare getuigen. Maar ook het erfgoed dat verband houdt met de hopteelt, een belangrijk product bij het maken van bier, verdient te worden bewaard voor toekomstige generaties. In de Westhoek worden nu zeven ‘hopmonumenten’ beschermd. We gaan na of we ook in de regio van Aalst en Asse soortgelijke hopkernen kunnen vrijwaren”, besluit minister Van Mechelen.

Tags: